Nederland gidsland

Eind september was ik in Spanje, op een internationale conferentie over korte voedselketens. Op uitnodiging van de Nederlandse Akkerbouw Vakbond, mengde ik mij drie dagen lang in een bont gezelschap van veelal jonge boeren uit Italië, Frankrijk, Duitsland, Oostenrijk, Engeland, Ierland, Noorwegen, België en Spanje. Een paar dingen hadden ze allemaal gemeen: 1) een diep geworteld besef dat de macht in de voedselketen oneerlijk is verdeeld, 2) dat alle supermarkten boeven zijn en 3) dat de Europese hygiëneregels ertoe dienen dat de voedingsindustrie steeds machtiger wordt en de toegang tot de markt steeds moeilijker voor kleine boeren. Dit kan maar tot één conclusie leiden: we – de kleine boeren – kunnen onze afzetmarkten het beste zelf organiseren. Om dit te onderstrepen stapten we in de bus naar een Galicische boer die met slechts 30 grasgevoerde koeien niet alleen zichzelf en zijn gezin onderhoudt, maar ook nog twee mensen in dienst heeft. Hoe? Door alles zelf te verwerken, te verpakken en te distribueren. “Nog nooit heeft een klant zijn rekening niet betaald”, vertelde hij trots. “En nog nooit ben ik één klant kwijt geraakt”.

Hoe anders is het beeld van Nederland dat ik in de loop van die paar dagen kreeg voorgeschoteld, gezien door de ogen van deze zelfstandige boeren. “Wel fijn hoor, dat jullie ons koffie en specerijen hebben gebracht”, meldde mij een Franse kippenhoudster. “Maar feitelijk zijn jullie nog steeds kolonialistisch bezig, met jullie drang om de Europese markten te veroveren. En gebruiken jullie met jullie glastuinbouw achterlijke hoeveelheden fossiele energie.” Oeps. Nederland als machtige partij die met hun goedkoop geproduceerde paprika’s, komkommers en tomaten kleine boeren elders in Europa de markt uit drukt? Eventjes voelde ik mij minder gelukkig met mijn Nederlanderschap in deze kleurrijke groep.

Totdat ik mij realiseerde dat Nederland op één vlak misschien weer voorop kan lopen de goede kant op. Wat ons onderscheidt van de ontwikkelingen in alle andere landen: wij hebben een groeiende beweging van kritische consumenten, die steeds vaker het initiatief neemt hun boodschappen niet meer in de supermarkt te doen. Die het helemaal gehad heeft met de voedselschandalen, de praatjes van de grootschalige industrie. Die echt en gezond wil eten en dat zelf bij de boer gaat halen. Terwijl in de ons omringende landen het initiatief nog vaak bij de kleine boer ligt die veel moeite moet doen om zijn spullen aan de man te brengen. Toen ik dit beeld schetste met actuele voorbeelden op de slotdag van de conferentie, kreeg ik een warm applaus. Eventjes had ik de eer van ons land weten te redden. Maar nu moeten we wel doorpakken de komende jaren en laten zien dat we geleerd hebben van het verleden. Dat we ook groots kunnen zijn in het kleine.

 

"Fijn dat jullie ons koffie en specerijen hebben gebracht."